Motoren

Motoren
Motoren zijn bijzondere vervoermiddelen. Voor sommigen zijn het stinkende en gevaarlijke lawaaimakers voor anderen passie en of kunst. Ik hoor tot de laatste categorie. Vanaf jonge leeftijd ben ik door het motorvirus aangestoken. Ik heb het virus niet van huis uit meegekregen. Mogelijk dat het door die stoere kerels wa in de wijk waarin ik opgroeide. Ik zag ze in de jaren 60 op hun stoere Nortons of BSA’s voorbij rijden met zo’n lange tank en imponerend geluid.

Op 14 jarige leeftijd hield ik op school een spreekbeurt over Harley Davidson. Dat zal rond 1973 geweest zijn. Ik had folders aangevraagd bij de toenmalige Harley-Davidson importeur Maaskant in Rotterdam. De melkboer, “Jan Janse” die ik op zaterdag met zijn route hielp, had een verleden met motoren en Harley Davidson in het bijzonder. Op basis van zijn verhalen en uitleg over de werking van de verbrandingsmotor en de folders van Maaskant heb ik mijn verhaal gemaakt. Gezien de positieve reactie van de docent moet het indruk wekkend geweest zijn.

Bij een oom en tante die in het buitengebied woonden heb ik jarenlang kunnen prutsen aan brommer en toe zat daar ook een motor tussen zoals een Jawa California. Er is heel wat gesleuteld gecrost maar ook gesloopt. Zo had ik ooit een bromchopper inclusief lange voorvork gebouwd. Die moest ik thuis laten zien. Na een stukje te hebben gereden voelde ging het verzaagde balhoofd wat open staan. Het laswerk was dus niet zo best. Al lopend ben ik verder gegaan. Toen een politiewagen naast me kwam rijden hadden ze veel aandacht voor mijn schepsel. Tot aan huis bleven ze naast me rijden om te zien of ik toch niet stiekem zou gaan rijden.

Op mijn 16e stond er van mijn eigen verdiende centen een Kreidler een RM super van 1974 of 75 net twee jaar oud. Buiten wat cosmetische aanpassingen is deze brommer redelijk origineel gebleven. Op mijn 18e werd deze brommer direct verkocht en kwam mijn eerste motor. Het was een Honda CB750 van 1975 in caféracer stijl. Met een oefenvergunning die in verschillende gemeenten was aangevraagd mocht ik in de dorpen om me heen rijden, maar niet op de provinciale wegen. In dat zelfde jaar 1979 heb ik na een half uur les genomen te hebben mijn rijbewijs in één keer gehaald. Het virus zou nooit meer verdwijnen.